Zoek
September 2009
M T W T F S S
« Aug   Oct »
 123456
78910111213
14151617181920
21222324252627
282930  

PostHeaderIcon Vrouw achter het stuur

Auto gehuurd. Ik moest naar Utrecht voor een cursus bij Thieme Meulenhoff. Ik schrijf de lees-, luister-, spreek- en schijfvaardigheidshoofdstukken voor New Interface Orange (3e jaar VMBO) voor ze.

Op zaterdag zijn er geen files, leek me. En aangezien ik om 1500 nog een afspraak in de stad had met een klant, en om 1545 in de trein moest itten om op tijd in Utrecht te zijn, haalde ik om 1430 de auto op en ging ik ermee naar de stad. Ik huur altijd bij hetzelfde bedrijf. Daar werkt Roelof. Ik denk trouwens dat Roelof de eigenaar van de tent is. Roelof is in één woord geweldig! Klantgericht: zeikt niet, treuzelt niet, en herkent me. Altijd in voor een grapje.

Goed. Ik met de auto de stad in. Moest even omschakelen om te bedenken welke route ik zou nemen en waar ik zou parkeren. Met de fiets is het toch eigenlijk best makkelijk in de stad :-)

Ik besluit op de Ossenmark te gaan staan. Ben er nog nooit geweest. Ik rij naar het plein, en zie geen ingang. Ik rijd het plein op, zie namelijk een glazen kolom uit de grond omhoog komen. Leek me geen ingang, maar je weet nooit, tegenwoordig. Ik had gelijk. Dat was een voetgangersuitgang. Ik rijd om het plein heen en zie een ingang. ‘Ha!’ Denk ik. ‘Ik ben niet voor één gat te vangen.’ En ben tevreden met mezelf.

Ingang Ossenmarkt

Ingang Ossenmarkt

Ik sta voor de deur. Blokkeer daarmee een deel van de weg achter mij. Ben een beetje opgejaagd. Ik rij naar beneden. Sta ik onderaan de helling, gaat die boom niet open! Nou breekt mijn klomp. Bah! Verkeerde ingang. Is namelijk geen ingang. Nou, dat was dan ook niet duidelijk aangegeven. Het is niet zo verwonderlijk dat ik beide banen als ingang categoriseerde. Het woord ‘VRIJ’ op de balk boven de in-/uitrit hangt nota bene boven de baan die ik gebruikte. Er zijn genoeg garages die tweebaans inrit hebben. Neem die bij mij om de hoek.

Het eenzame rode paaltje bij de rechter baan had het me moeten doen beseffen.

Er staan twee auto’s te wachten tot ze eruit mogen. Ik blokkeer de uitgang. Ik schakel in de achteruit en hoor de ‘parkeerhulp’ (dat piepding als je bijna een paaltje ramt) aanslaan. Na tien centimeter slaat hij op hol. Ik weet dat er geen paaltje achter me staat. Ik rijd immers recht achteruit. Maar toch… Uitdeuken is best duur. Terug naar waar ik vandaan kwam. Dat betekent: uit de grond, terwijl ik het liefst door zou rijden en mezelf onder de grond zou verstoppen. Ik moet om mezelf lachen. Wat een dompie!

Dat piepen wordt nu wel heel erg. Heb je niet van die pinnen die omhoog komen bij sommige garages? Zodat je niet kan wegrijden zonder te betalen? Of is dat bij benzinestations? Ik besluit uit te stappen en naar de voorste wachtende auto te lopen. Er zit een vrouw in. Ik bedenk me: dit moet raar over komen. Zou ze het grappig vinden? Geïrriteerd zijn? Ze draait haar raampje open. Ik buig me voorover en vraag: ‘Denk je dat ik er achteruit uit kan?’  Ze zegt: ‘Ik heb nooit ergens last van gehad, ik zou niet weten waarom niet.’ Ik wil haar vragen of ze ook wel eens achteruit die helling op terug heeft moeten rijden, of dat ze er zonder betalen is uitgereden, of dat ze op een andere ongewone manier de helling heeft genomen. Ik kijk naar haar gezicht, haar houding, haar kleding en ik laat de vraag maar zitten. ‘Het zal ook wel’ zeg ik dus maar.

‘En toch’, denk ik als ik terug loop naar de auto. ‘Hoorde ik een klik of eigenlijk meer een klang toen ik een stukje achteruit reed. Daarna blokkeerde de boel een beetje, leek het. En achter mij is een geul met daar overheen een metalen plaat. Dus toch is er kans dat ik de auto molesteer.’

Er is niemand in de buurt. Geen hulp, geen camera, geen knopje om op te drukken. Ik besluit gewoon om hoog te rijden. Ik stap in. Start, zet pook resoluut in de achteruit en geef een beetje gas. Ik hoor ‘gggggrrrgggrrr’. Bah. Koppeling in, opnieuw schakelen. Gas. Ja, hij gaat. Piep, piep, piep, pieperderpieperde… Ik rij door. Zal wel van de hoek komen van de helling die ik nader. Ja. het gaat goed. Stijl hoor, die helling. En lang. Gelukkig kom ik boven. Bijna. Oh, ja. Aan ‘t eind stond een paaltje. Ik sta op de rem. Kijk naar voren. De dame staat nog achter de slagboom. Ik hoor haar achterbuurman tuteren. De boom gaat omhoog. Ze komt langzaam aangereden. Ik ben nog niet boven. Heb mijn voet op de rem. Ander op de koppeling. Kan nu niet de rem loslaten en het gas indrukken. Dat wordt dus de hellingproef achteruit. Heel even denk ik dat dat niet kan, omdat de blokkering te maken heeft met de rijrichting, dat de handrem zal slippen. Maar het zijn natuurlijk schijven die klemmen, het is niet een tandwiel dat blokkeert. Ik stuur een beetje bij, kom uit op straat. Rijd achteruit, neem de rechter baan. Parkeer de auto. Leuke parkeergarage trouwens. Een wenteltrap zonder treden.

IMG_0466

Het paaltje

Ik kom giechelend bij mijn zakelijke afspraak aan. Als ik de auto ophaal zie ik dat het paaltje in het midden van de rijbanen een blauwe stikker met witte pijl heeft. Eroverheen heeft een grapjas nog een sticker geplakt. Op de sticker staat: druktemakers.net. Wat toepasselijk.

Leave a Reply