Zoek
September 2009
M T W T F S S
« Aug   Oct »
 123456
78910111213
14151617181920
21222324252627
282930  

PostHeaderIcon Dante’s Divina Commedia

Ik heb wel eens mensen horen schreeuwen op het toneel. Meestal is dat vrij gênant. Het is altijd ingehouden of vlak. Het ‘Nee verlaat me niet!’ van een geliefde klinkt theatraal in de letterlijke zin van het woord. Je weet dat het bij het stuk hoort, dan de acteur in kwestie zich inleeft in de rol, dat de rekwisieten moeten bijdragen aan de beladen stemming die in die scène naar voren komt.

Nog nooit heb ik iemand zo horen roepen op het toneel als Merijn de Jong. Van schooltoneel naar professionele theatergezelschappen, van de plaatselijke toneelclub tot aan eerdere voorstellingen van hetzelfde gezelschap (NNT), niemand, niemand heeft me ooit zo geraakt op het toneel als deze man. Hij ís zijn schreeuw, hij ís zijn stuk, hij ís zijn emotie. De rekwisieten op het toneel mogen blij zijn dat ze aanwezig zijn. De scène is de scène. Hij wordt niet gemaakt, het is er.

Het hele stuk was trouwens geweldig! Zo prachtig, zo intens. Sloot zo mooi aan bij wat ik voel en denk. Het mooie is dat ik toen ik in Utrecht woonde eens de Divina Commedia aan een dakloze heb gegeven. Niet aan een immigrant. Het klopt dus niet helemaal. Ik zal je vertellen hoe dat ging:

~

Ik woonde in Utrecht Oost en ging elke dag met de bus naar mijn werk. Dat was in een gebouw in Hoog Catherijne. Ik liep elke dag door het station. Na een tijdje herkende ik de mensen die er elke dag zijn. Een van die mensen was Marthi. Marthi verkocht de daklozenkrant. Ik ben niet geïnteresseerd in de krant, maar wil best een paar euro doneren. Ik vraag altijd of dat goed is, je wilt mensen die eerlijk hun brood verdienen ook niet voor bedelaar aanzien. Dat zou best wel eens heel kwetsend kunnen zijn.

Ook deze man gaf ik een paar euro. We begonnen elkaar te groeten. Ik bracht hem op een gure dag, toen de wind door Hoog Catherijne gierde eens een kop koffie. Hij bedankte me. Ik liep door. Na weken knoopte ik eens een praatje aan. Hij intrigeerde me. Ik stelde hem voor aan Hedzer. Ook zij maakten wel eens een praatje. Het viel hem op als ik er niet was. “Vakantie gehad? Ziek geweest?”

Op een goede dag vertelde hij me dat hij deel uit maakte van een onderzoek op basis waarvan Lia van Loon zou promoveren. Het was een volgstudie naar (ex-)daklozen in Utrecht over 9 jaar. Marthi nodigde me uit om naar de promotie te komen. Ik kon wel met hem en een paar vrienden van hem meerijden. Het was in Amsterdam. Aangezien ik niet met vreemde mannen meerijd, heb ik gezegd dat ik met de trein zou komen. Ik was vereerd met de uitnodiging.

Een aantal dagen daarvoor brak ik mijn teen. Ik liep op krukken. Toch ben ik erheen gegaan. Heb de trein en een taxi genomen. Marthi was verbaasd me te zien. En blij. Ik ben gaan zitten en heb het over me heen laten komen. Een aantal van de gezichten van de  ’studieobjecten’ herkende ik wel. Het onderwerp van gesprek was hulpverlening en hoe dat in elkaar zat, hoe de daklozen daarover dachten. Een van hen vertelde dat hij al vanaf 1974 op straat leefde en niet meer in een huis kon wonen. Dat hij slechts in noodgevallen gebruik maakte van de hulpverlening, maar dat de bedillerigheid hem verlamde. Hij vertelde dat hij gestudeerd had, hij citeerde uit de Divina Commedia van Dante. In het Italiaans. Hij stond daar, temidden van daklozen, hief zijn handen naar de hemel en citeerde uit een van de meesterwerken van de literatuur. Indrukwekkend.

Ik had natuurlijk een boek meegenomen in de trein. De trein instappen zonder boek is jezelf veroordelen tot wachten. Ik had de nieuwste vertaling van de Commedia mee. Ik was nog niet op de helft. Nog niet op een kwart. Ik had er met plezier in gelezen in trein. Dit boek hoorde bij die man. Dat was wel duidelijk.

Dus na afloop van de promotie ben ik naar hem toe gegaan en heb hem gevraagd of hij het boek wilde hebben. Natuurlijk mocht hij ermee doen wat hij wou. Lezen, verkopen, als kussen gebruiken. Hij wilde het graag hebben. Dat kon ook niet anders. Die man en dat boek hoorden bij elkaar.

~

Na afloop van het toneelstuk sprong ik op om een staande ovatie te geven. Ik was me wel even bewust van hoe stom dat was, maar het heeft me zo geraakt, dat ik toch maar ging staan. Tijdens het klappen kwam de ontroering en de emotie terug. Met traantjes op mijn gezicht liep ik de zaal uit. Prachtig spel. Noord Nederlands Toneel: dat kan niet fout gaan.

5 Responses or references to “Dante’s Divina Commedia”

  • Hedzer says:

    Mooie blog.

  • Arnold says:

    Ik zou zelfs verder willen gaan; een hele mooie blog. :)

  • Ola Mafaalani says:

    Lieve Kim,
    wat is jou verhaal mooi. En jou reactie op onze voorstelling is zo dierbaar. Ontroerd hoop ik je een keer te ontmoeten. Dank je van harte, Ola Mafaalani van Het Noord Nederlands Toneel.

  • Laurens says:

    Hoi kim, Nu ik het lees kan ik me het verhaal herinneren. Maar wat mooi dat je daar naar toe gegaan bent!

    Ik zal de Divina Commedia opnemen op mijn lijst van ooit nog te lezen literair verantwoorde boeken!

  • Kim says:

    @Ola

    Dat lijkt me leuk! Bedankt voor je reactie. De volgende keer als ik van het Noord Nederlands Toneel een voorstelling bezoek zal ik naar je vragen naderhand :-)

Leave a Reply