Zoek
September 2013
M T W T F S S
« Jul   Oct »
 1
2345678
9101112131415
16171819202122
23242526272829
30  

Archive for September, 2013

De Bijl

Toen ik studeerde stond een van de hoogleraren waarmee ik te maken had bekend als iemand die duidelijke taal sprak. Zonder aanziens des persoons. En bij eerste- (of tweede)jaarsstudentjes is dat best zielig. We noemden hem ‘De Bijl’. Ik kan me nog herinneren dat ik op een dag, beladen met waarden en normen, naar zijn kamer gestormd ben, aanklopte, de deur open smeet en zei dat ik het ongelooflijk onbeschoft vond dat hij degelijke commentaren in een werkstuk van mij had gezet. De arme man was aan de telefoon en legde beduusd de hoorn op de haak (ja, zo lang is dat al geleden…) en verontschuldigde zich. Ik bedankte hem en vertrok weer.

Ik krijg nu nog een beetje de zenuwen als ik eraan denk. De relatie tussen hem en mij is er overigens wel beter op geworden. We wisten beiden wat we aan elkaar hadden. En ja, we willen graag beiden duidelijkheid. Grenzen.

De verontwaardiging die ik toen voelde was immens. Die heb ik nog twee keer teruggezien bij mezelf. De eerste keer was toen ik in een discotheek ruzie kreeg met een jongen die me in mijn bil kneep, ook nadat ik herhaaldelijk had gezegd dat hij zijn handen (later werd dat: poten) thuis moest houden. Hij sloeg me omdat ik hem corrigeerde. Het werd een handgemeen. Het werd me rood voor de ogen.

De laatste keer is nu. Er is in de afgelopen vier weken drie keer geprobeerd bij mij in te breken. De eerste keer was midden in de nacht. Ik hoor iets bij de deur, denk dat het de poes is die door zijn luikje komt. Die ligt voor pampus bij mij op bed. Ach, vast iets bij de buren. Maar ik hoor het nog een keer. En nog een keer. Ik sla het dekbad om me heen en loop naar de deur. Twee mannen. Een rent weg over de sluis. De ander blijft staan. Aarzelend. Ik haal de knip van de deur, gooi de deur open en en met mijn laagste, luidste stem sommeer ik de kerel op te rotten uit mijn tuin: “Dit is NIET de bedoeling. Geen sprake van. Opsodemieteren. NU.” Zoiets. Boos was ik. Je gaat toch niet aan mijn deur rammelen als ik tuis ben! En hij vertrekt. Dat is mooi. En ook wel slim van hem :-)

Twee weken later, om een uur of vier ‘s middags, weer. Op klaarlichte dag. Ik heb mijn papa en T beloofd om de deur niet meer open te doen. Dus door de deur heen zeg ik. “Wat moet dat!” Of Anna hier ook woont. “Wegwezen!” en gelukkig gaat hij. Ik weet niet of het dezelfde was. Ik leg een bijl binnen handbereik van de achterdeur (binnen) en vertel mijn vrienden dat ze de achterdeur niet meer kunnen gebruiken. Die zit op slot en op de knip en daar komt binnenkort een loeiapparaatje op met bewegingsmelder. Ik zal de Poes ook even informeren over dat ding…. Van de politie mag ik geen aangifte doen, maar wel een melding maken. Nou, doe dat maar. En de volgende keer moet ik meteen 0900-8844 (geen haast, wel politie) bellen.

Vanmiddag 5 uur. Hij staat te posten achter de boom. Net buiten mijn tuin. Diezelfde gast. Pa had me verteld dat ik een foto moest maken. Ik loop naar de deur en ga terug staan kijken met mijn armen over elkaar. De jongen komt weer naar de deur. Ik heb natuurlijk allang bedacht wat ik moet zeggen als hij naar Anna vraagt. Ik woon hier al tien jaar. Hij is nog geen 25. En de sukkel vraagt naar Anna. “Die woont hier niet. Opzouten met je smoesjes. Mijn tuin uit”. Hij gaat.

Shit. Vergeten foto te nemen. Ik pak mijn telefoon en doe de deur open en kijk of ik hem nog zie. Staan mijn buren op hun balkon. “Ken je die jongen?” en de andere buurvrouw ook “Wie is dat?” Ze houden de boel goed in de gaten. Ondertussen is die jongen weg. Hij blijkt aan de andere kant van het huis te lopen. Ik ga aan de voorkant van het huis naar buiten (eigenlijk blijf ik in de deuropening staan, klaar om de deur dicht te drukken), maak een foto. Hij vraagt of hij er leuk op staat. “Deze is voor de politie, dan weten ze tenminste wie ze moeten zoeken” bluf ik. Ik maak nog wat foto’s. De jongen komt dichterbij. Ik denk aan mijn bijl op de tv-tafel. Hij heeft hele grote ronde ogen. Ik spreek hem streng toe (wetend dat de bovenbuurman uit zijn raam meekijkt). “Jij komt dus vanaf nu niet meer in mijn tuin, begrijp je dat?” Hij mompelt wat. Ik zeg het nog een keer en nu iets luider en na de derde keer vertelt hij me: “Duidelijker kun je het niet zeggen. Ik heb geen beperking ofzo!” Hij zet een stap in mijn richting. Ik ga iets rechterop staan en kijk hem strak aan. “Mooi!” zeg ik met mijn stevigste stem. Hij loopt door, ik ga naar binnen. Wacht tot de portiekdeur in het slot valt. Dan begint t bibberen. Denk nog steeds dat ik boos ben, maar dit zijn echt wel de zenuwen. Ik bel papa. Daarna de politie en zeg: “Ik wil een melding doen.” Ik heb namelijk ook geen beperking, dus dat had ik onthouden.

De politie gaat op zoek naar die jongen, zegt de agente die de melding opschrijft. Ik moet de foto uploaden op de site. En waarom heb ik eigenlijk geen 112 gebeld. “Ik was toch niet in gevaar, ik ging niet dood, iemand anders ging niet dood. Dan bel je 0900-8844.” Die agente was het er niet mee eens. Ik moest beloven de volgende keer 112 te bellen. Het is immers heterdaad. Ik zei bijna “Ja mevrouw de politieagente”.

Naderhand ga ik naar de mediamarkt en vraag “Hebben jullie ook een dingetje met een rood knipperlichtje dat niet te duur is en waarvan het verder niet uit maakt wat het doet?” Nee, dat hadden ze niet. Heb zelden twee mooie meisjes met alle haartjes precies op de goede plek zo verbaasd zien kijken. Op de terugweg ga ik verder met bedenken wat ik ga zeggen of doen als ik hem zie. “Ik ken jou en ik herken jou. Ik heb je signalement doorgegeven aan de politie. Ze zoeken jou.” Blij dat ik hem niet zie. Beter toch maar negeren, die gast. Misschien is hij wel heel eng, al ziet hij eruit als een schlemiel.

‘s Avonds gaat de bel. Die junk weet toch mijn huisnummer niet? Gelukkig heb ik een videokijkding om te zien wie er voor de deur staat. Politie. Komen de situatie bekijken. Auto voor de deur zetten als afschrikmiddel. Aangifte opnemen. Mijn hele huis ruikt naar kip, want de ovenschotel is bijna klaar. Lekker huislijk. Ze lachen om de puzzel op tafel. Vinden t gezellig. Na een kwartiertje gaan ze weer. Maar ik mag niet met de bijl in mijn hand de deur open doen. Zeggen ze. Ik vertel ze dat die bijl daar ligt om in mijn hand te hebben als ik binnen sta en zij buiten, anders is t veel te eng. En om mezelf erop te wijzen dat het ook weer niet zo serieus is. Vinden ze mooi.

Er staat soms iemand in mijn tuin. Daar wordt ik echt niet bang van. Is alleen zo vervelend als ik eens vergeet de deur dicht te doen. Zeker als ik dan ook nog thuis ben.  Dan ben ik namelijk wel bang. Dan is 112 bellen ook het enige logische om te doen. Maar zover komt het vast niet. Ik zal de bijl opruimen. Wie weet heeft de hoogleraar zijn bijl ook wel in de kast liggen tegenwoordig.

Ontdekking

Middag. Herfstdag. Mooi weer. Met mijn liefje op t bankje in de tuin. Heb me tegen hem aangevlijd. En opeens zie ik een mooie paarse, volle, rijpe pruim in de tuin liggen. Ik pak hem op. Puntgaaf!

Probeer te bedenken waar die vandaan komt. Soms liggen er ook sigarettenpeuken in mijn tuin. Die komen meestal van de buren. (Maar soms ook van mijn eigen bezoek. Dat vind ik zo iets geks. Dat je je peuk kunt uitdrukken op mijn tegels en hem er dan laat liggen. Ik gooi toch ook geen kauwgum in de tuin als ik bij jou op bezoek ben? Zou raar zijn. Of snoeppapiertjes, boterhamzakjes, zakdoekjes, een oude krant. Een halve boterham, kan ook nog. Daar ging t niet om.) Zouden de buren een pruim in mijn tuin laten vallen die dan helemaal naar de andere kant rolt en niet open barst?

Ik loop erheen, pak hem op en kijk naar boven. Niet naar het balkon van de buren, maar naar de hemel. Ergens moet deze manna vandaankomen. En verdomd! Er hangt nog een pruim in een van de bomen. Pruimenboom? Vermoedelijk.

Ik kan er net niet bij, maar springend heb ik hem zo in mijn hand. Ik heb een pruimenboom in mijn tuin! Bizar. Nooit geweten. Er zit nu nog 1 pruim in, maar die is al aan het gisten. En ik heb zo het vermoeden dat de boom beter met pruimen overweg kan dan met slivovich. Ik laat hem hangen voor de insecten.

Kijken of mijn pruimenboom volgend jaar 4 pruimen geeft. Die ene die op de tegels lag was heerlijk zoet. Die andere had misschien nog een dag of twee moeten hangen. Word er helemaal blij van! Een pruimenboom in mijn tuin!

Statistical data collected by Statpress SEOlution (blogcraft).