Archive for the ‘Thuis’ Category
Verbazing
Verbazing is toch een van de mooiste gezichtsuitdrukkingen. Vandaag heb ik er per ongeluk weer zo een op het gezicht van een nietsvermoedende medemens gekregen. In de rij bij de supermarkt hoor ik ‘oh!’ en ik kijk naar het meisje – ze is al een vrouw – wier boodschappen net gescanned zijn. Ze graait in haar tas. En daarna nogmaals. Ze kijkt de kassière aan. Die reageert niet. Ze is natuurlijk afgestompt door haar baan. Of heeft er gewoon geen zin in. De portemonneeloze dame vraagt of ze de boodschappen even in een mandje mag doen en dan haar geld mag halen en daarna weer afrekenen. Er wordt een manager geroepen op het moment dat ik zeg: ‘Ik betaal wel even’. Het was maar 9 euro nog wat, dat is geen punt, lijkt me. Ik schat in dat ze me het geld terug betaalt.
Niemand reageert. Hahaha. De manager staat erbij te kijken of hij water ziet braden, de kassadame reageert nog steeds nergens op, en de portemonneeloze bekijkt me eens aandachtig. Ze fronst. Ik zeg: ‘Dan kan je me dat later wel terugbetalen, scheelt weer een hoop gedoe.’ Ik kijk de steen achter de kassa aan en vraag ‘Mag dat?’ Ze zegt niks. De manager zegt veelbetekenend de klemtoon op »
Ork Meetlint
Mijn vader ziet regelmatig dat er weer iets anders ruimte in mijn leven inneemt. Dat is roeien geweest, dat is world of warcraft geweest, en nu is dat Warhammer40k. Hij is nooit bij voorbaat al afwijzend tegenover mijn hobbies. Als hij het niet begrijpt, dan doet hij er moeite voor om het te snappen. We praten erover (misschien is dat ook omdat ik mijn mond er niet over kan houden), maar ook komt hij dan kijken hoe we dat doen. Bij het roeien, maar ook tijdens een avond on-line gamen. Dan gaat hij er naast zitten en stelt vragen over wat het allemaal is en wat het doet.
Over het leiden van een guild, het opzetten daarvan, de mate waarin het wel en niet likt op ‘echt’ leven in plaats van virtueel leven, over het verven van poppetjes voor WH40K, over het vinden van die ene lekkere haal tijdens een roeitraining en proberen die vast te houden, over het maken van een gametafel. En over het modden van poppetjes. Het is zo leuk als je een set met 20 poppetjes hebt besteld, en die komen aan en je gaat proberen om van de 4 x 5 gelijken 20 verschillenden te maken. Dat kan door bij de een een ander wapen in de hand te stoppen dan bij de ander, maar je mag ook echt bijzondere wijzigingen aanbrengen.
Op een dag zag ik papa met een rode veeg op zijn hand. We maken wel eens geintjes met de gamers onderling ‘Mooi gehigh-light, die brug’ en ‘Prachtig roesteffect is er op die auto geschilderd, zeg!’ en ‘Kijk, dat is volgens mij red gore.’ Dus ik zeg: ‘Heb jij scab red op je hand?’ En hij reageerde echt heel raar. Geen idee wat er aan de hand was. Hij was aan het verhuizen… maakt hij een rode muur in zijn huis ofzo?
De volgende keer dat we onze stuif-in hadden (iedereen die zin heeft om te gamen komt bij elkaar) was mijn vader er ook. Hij had voor iedereen een rolmaat (een meetlint van metaal met inches erop) gekocht. En voor Hedzer en mij had hij er een gemod.

Rebalancing
Larry is rebalancer. Hij heeft me uitgenodigd voor een sessie. Bijna een jaar geleden. Nu overdrijf ik. Ik heb steeds gezegd dat ik niet wist of ik daar wel tegen kon. Ik hou niet zo van gefriemel aan mijn lijf. Dat is iets voor mijn schatje en mij. Intimiteit is niet voor iedereen.
Maar Larry is Larry niet als hij niet door gewoon zichzelf te zijn mij in een aantal maanden ervan overtuigde dat dat best kon. Hij heeft me nooit ‘bewerkt’. Zijn persoonlijkheid deed me geloven dat ik het heel goed kon proberen en het kon zeggen als zijn aanraking me ongemakkelijk maakte. Hij zou ophouden als ik het vroeg. Ik zou me daar niet naar over hoeven voelen. ‘OK dan’ bedacht ik me vorige week. ‘Ik ga eens een grensje verleggen.’
Op de tafel. Bijna naakt. Hoofd op een ring zodat mijn gezicht naar beneden ligt en ik toch niet in een kussen stikte. Rare houding. Kan best.
Grote warme handen wrijven tegen elkaar aan om olie te verdelen. Vlak voordat ze bij mijn rug zijn voel ik de warmte. Als ze landen voel ik hoe groot ze zijn. Of heb ik een kleine rug? Wonderlijk. Larry’s handen masserden mijn rug en shouders en heupen en staart. En wat ik voelde was dat er een tinteling vanonder de huid uit kwam. Zijn handen gingen heel langzaam over mijn rug. Meestal met de stroom mee (naar beneden) en heel soms ertegenin.
Ik lag te wachten tot er iets gebeurde. Vol verwachting. Niet gespannen, wel benieuwd. Larry bewerkt mijn rug. Er gebeurde niks. Maar… moet ik niet iets voelen? Mijn gedachten sloegen op hol. Wat gaat er mis? Ik probeerde bij het moment te zijn. Te voelen wat er in mijn lijf gebeurde. Larry bleef me vragen wat ik voelde. Na een tijdje voelde ik me licht. Ik besefte me dat de manier waarop ik kijk naar wat ik te doen heb niet een heel constructieve is. Ik laat mijn tijd vollopen en ga dan redenen zitten bedenken waarom ik het zo druk heb, wanneer het over is en waarom het niet voorkomen kon worden. Hahaha. Suffie!
Ik had (hier komt de skeptische Kim om de hoek kijken) dit best op een ander moment kunnen bedenken. Maar dat heb ik niet gedaan. De sessie was erg lekker. Ik was daarna ontspannen en ontroerd. En nu nog kan ik gemakkelijker mijn schouders en rug en nek ontspannen. En recht en sterk zitten tijdens het roeien. Aanrader.
Bloggen… is dat moeilijk?
Nee. Niet moeilijk. Ik log in, type een titel en begin te schrijven. Soms heb ik een aantekening voor me liggen over een onderwerp. Soms schrijf ik en komt er vanzelf inhoud. Soms weet ik al wat ik wil schrijven en hoe. Het onderscheid tussen die stukjes is ook goed te maken. Wat bloggen lastig maakt is dat ik niet overal over kan schrijven. En ook niet altijd op de manier waarop ik zou willen.Neem nou een feest of een evenement waar ik heen zou gaan. Vooraf kan ik er niet over schrijven op zo’n manier dat te achterhalen is wanneer ik wel of niet thuis ben. Wie weet wat voor oen hier langs komt om mijn spullen op te halen. Soms betekent dat dat ik ergens waar ik heel enthousiast over ben niet vermeld. Soms betekent dat dat ik vaag ben over de datum of locatie.
De manier waarop ik schrijf mag geen waardeoordeel hebben, mag niet overtuigen, en mag niet kwetsen. En dat is nog lang niet makkelijk. Ik moet me dus proberen in te leven in de mensen die op een of andere manier betrokken zijn bij dit blog. Proberen om niet altijd op te schrijven wat ik denk, maar dat vooraf te kwalificeren. Volgens mij zijn alle gedachten die een mens heeft altijd OK. Noem het valide. Noem het goed. Een gedachte mag bestaan. Wat je met die gedachte doet maakt hem acceptabel of verwerpelijk. Soms (vaak zelfs) is het uiten van een gedachte in een bepaalde situatie genoeg om deze onacceptabel te maken.
De mensen waarover ik schrijf moeten eerst toestemming geven. Soms gebeurt er iets met iemand dat mij genoeg aangrijpt om grote invloed te hebben op ook mijn leven. Als de persoon niet wil dat daarover geschreven wordt, of in ieder geval niet zo dat het traceerbaar is naar hem of haar, dan heb ik dat te accepteren. Dat kan iets vervelends zijn zoals rsi, ontslag, liegen, maar ook iets leuks: zwangerschap, eigen bedrijf beginnen, op vakantie gaan. Natuurlijk zijn deze voorbeelden zorgvuldig gekozen :-)
Dan is er nog mijn werk. Hoe langer we over de digitale snelweg racen, hoe vaker we elkaar tegen komen. Net als dat je op weg naar je werk altijd dezelfde mensen tegenkomt, zo is dat ook op het internet. Mijn product is voor een groot deel afhankelijk van wie ik ben. Hoe ik acquireer, hoe ik werk, communiceer, wat ik goed genoeg vind en waar ik nog verder ontwikkel of ontwerp. De manier waarop ik mijn prijs vaststel, het uiteindelijke product. Datgene wat ik wil uitdragen komt naar voren door ‘personal branding’ zoals »
in slaap vallen
Ik lig in bed. Doe mijn best om niet te denken aan wat er op me ligt te wachten. Ben een beetje druk in mijn hoofd. Ik lig tegen Hedzer aan. Voel zijn warmte. Hij slaapt bijna, draait zich om. Ik draai mee. Niet bewegen, mijn lijf doen geloven dat ik al slaap, ontspannen vanuit mijn tenen naar mijn hoofd. Gezicht niet vergeten. Rustig ademen. Diep en zwaar ademen. Langzaam voel ik de slaap me bedekken. Alsof een donsdekbed over me heen gelegd wordt: luchtig maar met gewicht. De slaap omhelst me, verpakt me. Ze landt eerst op mijn romp en trekt op maar mijn gezicht, dan mijn hersenen. Traagheid voert de boventoon. De wereld wordt stroperig. Ik wordt weggetrokken tot achter een amorfe, heldere, zachte muur. De woorden in mijn gedachten vormen beeldenstromen. Aaneengeregen schijnbaar ongerelateerde beelden vloeien in elkaar over. Mijn ademhaling wordt dieper. Mijn lichaam vindt nog een gespannen spier en laat deze ook los. Alles is zacht. Beelden schieten langs me heen. Ik zweef tussen slapen en waken. Dan val ik. Eerst snel dan sneller. Spieren spannen zich aan. Het bed breekt mijn val. Een schok als ik neer kom. Ik mag weer in slaap vallen. Dat stemt me tevreden.
In slaap vallen is zo heerlijk. Als het niet lukt kan dat zo frustrerend zijn dat het geen zin meer heeft om het te proberen. Soms helpt het niet te proberen beter dan het wel te proberen. Niet kunnen slapen kan een kapot maken. Lang geleden heb ik periodes van weken gehad dat ik niet sliep. En als ik sliep had ik nachtmerries waardoor ik wakker werd en niet meer durfde te slapen. Het vrat mijn energie en realiteitszin weg. Ook humor en andere soorten relativeringsvermogen verdwenen. Ik voelde me een zak botten met slap vlees.
Daarom ben ik gaan oefenen met in slaap vallen. Voor hen die soms niet kunnen slapen hier is wat ik wel eens doe als mijn hoofd overloopt:
Snow Leopard
Als ik denk aan snow leopard, dan zie ik voor me een licht-gevlekte hele grote kat met sneeuw op haar kop. Ze kijkt een richting maar net niet in de camera. Haar ogen zijn grijs, haar pupillen een klein puntje. Ze heeft een wit baardje en ziet er zacht uit. Het lichtroze neusje doet denken aan kopjes geven en spinnen. Ik wil haar kroelen en mijn snoet in haar vacht steken.
(Mijn kat komt aangerend. Trippeltrippel – eigenijk is hij te zwaar om te trippelen, maar het geluid van nagels over het parket klinkt toch licht – Miauauauauauauuauaw. Duidelijk jaloers. En daarna op mijn toetsenbord liggen. Als ik blind kon typen zou hij waarschijnlijk voor mijn scherm zitten. Altijd daar waar de aandacht op gericht is. Wijzen werkt niet bij een kat, maar blijkbaar is het geveol van richting en een eindpunt aan de richting wel bij een kat aanwezig.
Nu zwiept zijn staart over het toetsenbord, omdat ik hem eraf heb geduwd. De staart wordt steeds chagrijniger over en weer gezwiept, en ik moet maar hopen dat ik niet net op dat moment een vinger neerzet waar die staart is :-) Mijn muis is geconfiskeerd. Tussen de poten van de kat. Je kan me nog meer vertellen, maar daar haal ik hem niet weg. Nou ja, »